In het kader van het door de gemeente Sittard-Geleen geďnitieerde Toon Hermans herdenkingsjaar 2010 wordt gewerkt aan een expositie over Toon Hermans in Museum Het Domein. Voor deze tentoonstelling wordt ook gebruikt gemaakt van de ruimte die normaal gesproken voorbehouden is aan hedendaagse kunst.
De voorbereidingen van deze Toon tentoonstellingzijn in volle gang. Een aantal mensen is druk bezig het inventariseren van de collectie: attributen die Toon Hermans gebruikte tijdens zijn shows, het bekijken van zijn shows en achtergrondinformatie op dvd, boeken lezen van en over hem, het bestuderen van documenten en archiefstukken en een intensief onderzoek naar zijn schilderijen.
Inmiddels is duidelijk dat Toon Hermans een multi-talent was die niets aan het toeval overliet. Of hij nu schilderde met verf, met woorden of met noten, hij deed dit met zeer veel passie en doorzettingsvermogen. Wat ook opvalt zijn de thema’s die steeds weer, zij het in steeds wisselende vorm, terugkomen. Hij heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat hij uit de kleine provinciestad Sittard kwam en dat zijn armoedige jeugdjaren, het katholieke geloof, het carnaval en de daarbij behorende sjaele zeiver hem hebben gevormd.
De tentoonstelling begint dan ook met een schets van zijn jeugd in Sittard; zijn familie, op school, het circusje spelen bij de postdirecteur, de tekenles bij Tielens en zijn rol als tekstschrijver en performer in de Sittardse carnavalsrevues.
Vervolgens wordt veel aandacht besteed aan zijn schilderskunst. Deze wordt in een context geplaatst. Toon schilderde namelijk niet zomaar iets; kleuren fascineerden hem. Dit is vooral terug te vinden in de boeketten die hij schilderde, elke keer weer in andere tinten. Hij zei ooit dat je een aardappel wel honderd keer kunt schilderen en elke keer weer anders. Dat komt niet omdat die aardappel verandert maar omdat jij hem steeds anders ziet! Deze uitspraak is Toon ten voeten uit; Typisch Toon dus.
De natuur, en dan met name de boom, was een grote inspiratiebron. Gezeten op de achterbank van zijn witte Mercedes naar een of ander theater in het land, zoefden landschappen aan hem voorbij waarvan hij kleine schetsen maakte om ze vervolgens thuis op het schildersdoek uit te werken. Ook zijn familie en gezinsleden werden geportretteerd. Zij speelden ook een rol in zijn conferences en teksten. Dat dit niet altijd de waarheid getrouw was doet er niet toe. Want een zuster, die van die stoel, heeft hij nooit gehad. Typisch Toon!
Een belangrijk onderdeel van de tentoonstelling is zijn humor. De bovenverdieping van het museum wordt omgetoverd tot kolderzolder. Hier kunnen bezoekers kennis maken met hetgeen Toon inspireerde; de stad en haar stadsfiguren, maar ook grootheden als Sinatra, Popov en Buziau komen aan bod. Hier komen ook tijdgenoten en hedendaagse conferenciers aan het woord over humor. Toon zei hier ooit zelf over: “God moet wel de grootste humorist aller tijden zijn, want om een mens te scheppen die uit zoveel tegenstrijdigheden bestaat, heb je heel wat humor nodig.” Typisch Toon!".
Tenslotte kan er een kijkje backstage worden genomen en kan de bezoeker op interactieve wijze kennis maken met de vele typetjes die Toon in zijn shows ten tonele voerde. Een hoedje of een enkel attribuut was daarbij al voldoende om een andere persoon te creëren. Typisch Toon!
Dit is de eerste aanzet, gaandeweg het onderzoek zal een en ander nog meer uitgewerkt en uitgediept worden. Laat u verrassen.